In elk gezin gaat speelgoed wel eens kapot. Een wieltje valt eraf, een knuffel krijgt een gat, een puzzelstukje scheurt. Vaak wordt het speelgoed dan in een hoek gelegd en vergeten, of het verdwijnt stilletjes in de vuilbak. Een herstelmand voorkomt dat. Alles wat gemaakt moet worden, komt in de mand, zodat het bij elkaar blijft en niemand er nog over struikelt.
De mand krijgt een vaste plek, liefst buiten bereik van de kleinsten, zodat er geen kleine onderdelen of scherpe randjes in handen van jonge kinderen terechtkomen. Een hoge plank in de kast of een mand op zolder is ideaal. Kinderen weten dan dat hun speelgoed er veilig ligt en dat het niet zomaar weggegooid wordt. Dat geeft rust en vertrouwen.
Herstellen als klein project
Kies af en toe een moment om de mand na te kijken, bijvoorbeeld op een regenachtige zondag of een vrije avond. Leg een doek op tafel, haal wat lijm, naald en draad boven en neem een paar dingen tegelijk. Kinderen kunnen goed meehelpen: ze houden een onderdeel vast, kiezen een kleur draad of kijken toe hoe iets weer heel wordt.
Niet alles is te herstellen. Sommige stukken zijn te oud of te kapot, en dan is het prima om afscheid te nemen. Het is fijn als het kind zelf mag beslissen of iets een tweede kans krijgt. Een foto of een laatste spelletje maakt het afscheid minder pijnlijk. De mand helpt om dit rustig te doen in plaats van in haast.
Bewaar in of naast de mand een klein doosje met de dingen die je vaak nodig hebt: lijm, plakband, naald en draad, een paar reserveknopen. Zo hoef je niet te zoeken wanneer je tijd hebt om iets te herstellen. Zo'n doosje is ook een goede plek voor losse onderdelen die ergens van afkomstig zijn, zodat ze niet verdwijnen.
Op den duur wordt herstellen een gewoonte. Kinderen leren dat spullen niet meteen worden weggegooid als ze kapot zijn, en dat je er zorg voor kunt dragen. De mand wordt zo een kleine werkplaats in huis, waar oude vrienden een nieuwe kans krijgen.